
Eén gewricht, veel letsels
De schouder is een van de meest flexibele gewrichten van het lichaam. Beweeg je jouw arm, dan gebeurt dat vanuit de schouder. Omdat de schouder tijdens het sporten veel moet bewegen, zijn blessures niet uitzonderlijk. Veelvoorkomende sportletsels aan de schouder zijn spier- en peesscheuren door overbelasting, een instabiele of ontwrichte schouder door een bruuske, krachtige beweging of botsing, en een schouder- of sleutelbeenfractuur als gevolg van een harde val.
Hier wordt kort ingegaan op twee schouderletsels: gescheurde schouderspieren en
–pezen en sleutelbeenfracturen.
Neem ook een kijkje op de pagina’s over Reuma en Artrose op deze website voor meer informatie of raadpleeg je arts als je andere schouderklachten hebt.
Gescheurde spieren en pezen (rotatorcuffscheuren)
De schouder is een uiterst mobiel gewricht dat zijn stabiliteit dankt aan een groep sterke spieren en pezen. Deze groep schouderspieren en –pezen wordt de rotator cuff genoemd en verbindt het schouderblad met de bovenarm.
Door overbelasting bij intensief sporten of als gevolg van een botsing of val, kan een scheur optreden in de rotator cuff. Als de pees slechts gedeeltelijk afscheurt, spreekt men van een partiële scheur. Scheurt de pees volledig van het bot af, spreekt men van een ‘volledige dikte’ rotatorcuffscheur. Een rotatorcuffscheur gaat gewoonlijk gepaard met veel pijn omdat de bewegingen die je met je arm maakt, beginnen in de schouder. Aanvankelijk valt de pijn meestal mee en voel je die gewoonlijk alleen als je de schouder beweegt. De pijn verergert vaak na een tijd en wordt dan ook gevoeld als het gewricht in rust is, bijvoorbeeld ’s nachts als je onbewust op de schouder ligt. Bij een volledige scheur is er aanzienlijk krachtverlies en bewegingsbeperking.
Gebroken sleutelbeen (claviculafractuur)
Wie tijdens het sporten ten val komt, houdt daar niet zelden een sleutelbeenbreuk aan over. Vooral in het wielrennen waar valpartijen frequent zijn, komen fracturen van het sleutelbeen vaak voor.
Het sleutelbeen is een relatief flexibel bot dat de schouder met het borstbeen verbindt. Bij het sporten vangt het redelijk wat klappen op, maar bij een onverwachte, harde val of klap op de schouder wordt het sleutelbeen soms zo zwaar belast dat het breekt.
Een sporter heeft het vaak meteen in de gaten wanneer hij bij een val een sleutelbeen breekt. De pijn treedt vrijwel meteen op en blijft aanhouden. Het optillen van de arm met een claviculafractuur is uiterst pijnlijk. Om de druk op de breuk en daardoor de pijn te verminderen, houden slachtoffers hun hoofd vaak in de richting van de breuk. Ook een afhangende schouder en een zwelling of bloeduitstorting boven de breuk kunnen wijzen op een fractuur. Hoewel een open breuk zelden voorkomt, kan het zijn dat een stuk bot tegen de huid aandrukt en uitsteeksels vormt.
Een sleutelbeenfractuur geneest over het algemeen goed zonder ingrijpende interventie, mits voldoende rust. Voor wie meteen weer in de running wil zijn of bij complexe sleutelbeenfracturen, kan een operatieve ingreep aangewezen zijn.
